Banner-wiki.png

Afhankelijk ontstaan

Uit Dharma-Lotus
Ga naar: navigatie, zoeken

Meditatie retraite.png
Tour-de-Sri-Lanka.png

Het Afhankelijk ontstaan (paticcasamuppãdanaya) beschrijft de samenhang en wisselwerking van alles in en om ons heen. Hiermee is het tevens de wet van oorzaak-en-gevolg en een zeer essentieel onderdeel van de boeddhistische filosofie. Veel modernistische stromingen zoals de new-age zijn hiermee aan de haal gegaan en hebben compleet nieuwe theorieën bedacht waarbij gezocht wordt naar de oorzaak van een bepaald gevolg. Dit is echter iets wat de boeddhistische filosofie geheel niet voorschrijft en zelfs als zeer onverstandig bestempeld, zoals in de tekst uit de Abhidhamma:

Beschreven in de Pali-canon

Het afhankelijk ontstaan staat in de Pali-canon als volgt beschreven.

Paccaya-sãmaggim paticca samam phalãnam uppãdo: Eén afzonderlijke oorzaak kan niet één effect voortbrengen en één effect is niet afhankelijk van één bepaalde oorzaak.

Er is altijd een verzameling van oorzaken die een verzameling van gevolgen voortbrengt. Lineaire 1-op-1 verbindingen zijn er niet en kennis over de oorzaak is onbelangrijk omdat je dan altijd op individueel niveau blijft zoeken. Zolang je oorzaken op individueel niveau blijft zoeken geef je dit individu bestaansrecht terwijl er juist inzicht verkregen dient te worden dat het individu niet bestaat. Het boeddhisme kijkt niet naar individuele processen maar naar de processen in lichaam-en-geest (geest-en-materie) die voor iedereen eender zijn en los staan van het individu. Dit zijn 13 processen die elkaar beïnvloeden en stimuleren:

al het conditioneel handelen begint bij onwetendheid
afhankelijk van onwetendheid ontstaat karma
afhankelijk van karma ontstaat bewustzijn
afhankelijk van bewustzijn ontstaat geest-en-materie
afhankelijk van geest-en-materie ontstaan de 6 zintuigpoorten
afhankelijk van de 6 zintuigpoorten ontstaat contact
afhankelijk van contact ontstaat gevoel
afhankelijk van gevoel ontstaat verlangen
afhankelijk van verlangen ontstaat gehechtheid
afhankelijk van gehechtheid ontstaat wording
afhankelijk van wording ontstaat geboorte
afhankelijk van geboorte ontstaat ouderdom-en-sterven
afhankelijk van ouderdom-en-sterven ontstaat lijden
De weg uit deze kringloop van lijden

Al het conditioneel handelen begint bij onwetendheid (avijjã)

Alleen een arhat of een Boeddha (beide zijn verlichte personen) zijn vrij van conditioneel handelen. Mensen verkerend in samsara (kringloop van het leven) kunnen zowel conditioneel als niet-conditioneel handelen en kunnen zich daar bewust en onbewust over zijn. Niet-conditioneel handelen is een handeling vanuit minimaal 1 van de 4 onbegrensde gemoedstoestanden:

  • liefdevolle vriendelijkheid (mettã)
  • gelijkmoedigheid (upekkhã)
  • mededogen (karunã)
  • medevreugde (muditã)

Conditioneel handelen is een handeling welk voortkomt uit een vooraf vastgestelde conditie welk een grensgebied vormt tussen leuk en niet-leuk, aangenaam en niet-aangenaam, etc... De conditionering creëert dus dualiteit en vandaar uit ontstaat begeerte en aversie. Conditioneel handelen is dus altijd ingegeven vanuit een begeerte of een aversie en is dus niet vrij. De reden dat we conditioneringen aanmaken en daar vervolgens naar handelen is onwetendheid over hoe op een zuivere manier (de 4 onbegrensdheden) gehandeld kan worden zonder dualiteit.

Afhankelijk van onwetendheid ontstaat karma (kamma)

Wat ik kamma noem, monniken, is de intentie, want nadat we besluiten, voeren we een fysieke, verbale of mentale handeling uit. (Gautama de Boeddha: Pali-canon: Anguttara Nikãya 6:63, iii, 415)

Karma is de intentie welke vooraf gaat aan een handeling. De intentie bij conditioneel handelen wordt ingegeven door de conditionering en is duaal; namelijk de conditionering bepaald wat leuk en niet-leuk, aangenaam en niet-aangenaam is. Er is een duidelijke intentie om de situatie maakbaar te maken en naar eigen hand te zetten (het aangename te behouden en het onaangename te doen stoppen). Dit gestuurd handelen vanuit de conditionering is een voortgaande energie die een gevolg creëert en dit is het karmische gevolg. De intentie om alles maakbaar te maken is een stuk onwetendheid over hoe dingen werkelijk in elkaar steken. De intentie bij niet-conditioneel handelen wordt ingegeven door minimaal 1 van de 4 onbegrensde gemoedstoestanden. Hier zit geen sturing achter en geen intentie om de situatie maakbaar te maken. Er is alleen maar acceptatie omdat het ego afwezig is. Er is geen intentie in maakbaarheid.

Binnen de boeddhistische filosofie wordt karma uitgeschreven in 4 vormen (kammacatukka, letterlijk: de viervoudige verdeling van kamma) wat elk een analysemethode is om karma te omschrijven. Zodoende ontstaan er 16 (4x4) typen van karma.

afhankelijk van karma ontstaat bewustzijn (citta)

Er zijn dus 4 typen van karma en zodra er karma is ontstaat er een bewustzijnstype:

zintuigpoorten bewustzijnstype activiteit koppeling
ogen oogbewustzijn zien neurologisch
oren oorbewustzijn horen neurologisch
tong tongbewustzijn proeven neurologisch
neus neusbewustzijn ruiken neurologisch
tastzin tastzinbewustzijn voelen neurologisch
gevoel gevoelbewustzijn aanvoelen boven-werelds


Deze 6 bewustzijntypen ontstaan echter niet allemaal tegelijk; het gevoel, welk niet-neurologisch gekoppeld is, kan veel eerder ontstaan dan de overige 5 bewustzijnstypen die wel neurologisch gekoppeld zijn. Gevoel (intuïtie, aanvoelen, geest) wordt boven-werelds genoemd omdat er geen duidelijk aantoonbare veroorzaker is die dit doet triggeren. Alleen iemand in diepe meditatie zal dit opkomende bewustzijn direct en bewust opmerken, de meeste mensen zijn echter onbewust over dit opkomende signaal en zullen het pas in een veel later stadia opmerken. In het rijtje onbewust onbewust, bewust onbewust, onbewust bewust en bewust bewust is alleen de laatste (bewust bewust) bewust dat er een bewustzijn opkomt. In alle drie de andere gevallen zal pas (veel) later opgemerkt worden dat er een bewustzijn is opgetreden.

Afhankelijk van bewustzijn ontstaat geest-en-materie

Van de 6 bewustzijnstromen zijn er 5 neurologisch bepaald en 1 niet. Dit betekend dat 5 bewustzijnstyepen een reactie hebben in het lichaam (materie) en 1 in de geest. De voortaande energie die bij de dualiteit van de conditionering is gevormd en de situatie maakbaar wenst te maken heeft hier zijn uitwerking in materie-en-geest. Dit wordt resultant bewustzijn genoemd; bewustzijn welk altijd een resultaat genereert. Vaak wordt gesteld dat fysieke gewaarwordingen (ziekte, pijn, etc...) een energetische oorzaak hebben. Hét moment dat dit gebeurt is hier: daar waar bewustzijn zich manifesteert in geest-en-materie.

Afhankelijk van geest-en-materie ontstaan de 6 zintuigpoorten (nãman)

De bewustzijnstype die nu een gewaarwording in het lichaam of geest genereert zal opgemerkt worden en hiervoor dient één of meerdere zintuigpoorten geactiveerd te worden. Het ontstaan van de 6 zintuigpoorten is een belangrijke fase omdat het een duidelijk onderscheidt maakt tussen ogen (bewustzijnspoort), oogbewustzijn (bewustzijnstype) en zien (activiteit). De ogen zijn alleen het fysieke instrument van het lichaam welk licht kan opvangen en omzetten in neurologische signalen die het doorgeeft aan de hersenen. De ogen op zichzelf zijn neutraal en het object (rüpa) is ook neutraal en wordt opgemerkt door het oogbewustzijn. Ogen en object is zijn niet voldoende om contact te maken een reacties te genereren, daar is dus een oogbewustzijn als 3e partij voor nodig.

Afhankelijk van de 6 zintuigpoorten ontstaat contact (phassa)

Contact moet hier gezien worden als de samenkomen van oogbewustzijn, ogen en object. Er zijn 6 typen van contact:

  • oogcontact
  • oorcontact
  • tongcontact
  • neuscontact
  • tastzincontact
  • gevoelscontact

Omdat in het voorgaande traject reeds karma is ontstaan wordt een 4e component tijdens het ontstaan van contact nu opgeroepen: de mentale vergiften. Mentale vergiften (met als basis 3: onwetendheid, begeerte en aversie) zijn altijd individueel bepaald en hebben altijd een link met het ego omdat ze voortkomen uit het ego. Ze zorgen ervoor dat het zien niet neutraal plaatsvindt maar conditioneel bepaald is. Is er geen conditionering en dus geen karma aanwezig, dan zal er puur neutraal gezien worden en dit wordt 'neutrale observatie' genoemd.

Afhankelijk van contact ontstaat gevoel (vedanã)

Doordat met het opkomen van de mentale vergiften er een individueel component is ontstaan krijgen we gevoel voor het object. Er zijn weer 6 typen van gevoel:

  • gevoel dat voortkomt uit oogcontact
  • gevoel dat voortkomt uit oorcontact
  • gevoel dat voortkomt uit tongcontact
  • gevoel dat voortkomt uit neuscontact
  • gevoel dat voortkomt uit tastzincontact
  • gevoel dat voortkomt uit gevoelscontact

Afhankelijk van gevoel ontstaat verlangen (tanhã)

Gevoel voor het object resulteert in verlangen naar het object. Verlangen is dus de persoonlijke betrokkenheid bij het object welk voortgekomen is vanuit gevoel. Er zijn 6 vormen van verlangen:

  • verlangen naar vormen
  • verlangen naar geluiden
  • verlangen naar smaken
  • verlangen naar geuren
  • verlangen naar tastbare objecten
  • verlangen naar mentale objecten

Deze 6 vormen van verlangen zijn dus op hun beurt 3-voudig zodat er 18 vormen van verlangen zijn:

  • begeerte is de wens om het object te koesteren en te behouden
  • aversie is de wens om het object te verlaten of te verdwijnen
  • neutraal is een vredig gevoel en deze vredigheid kan ook een object van verlangen worden

Bij verlangen ontstaat dus de wens om het object te veranderen naar gelang de persoonlijke betrokkenheid.

Afhankelijk van verlangen ontstaat gehechtheid (upãdãna)

Het verlangen transformeert naar in gehechtheid in het object van verlangen. Dit moet niet alleen gezien worden vanuit de begeerte kant, ook aversie kan een gehechtheid oproepen. De aversie voor ziek worden is tevens de gehechtheid aan een gezond lichaam. Er zijn 4 vormen van gehechtheid:

  • hechten aan zintuiglijke verlangens
  • hechten aan onjuiste zienswijzen
  • hechten aan riten en ceremonieën
  • hechten aan doctrine van een zelf

De eerste heeft als wortel verlangen en de overige 3 een verkeerde zienswijze maar ze worden alle 4 geconditioneerd vanuit verlangen. afhankelijk van gehechtheid ontstaat wording (kammabhava en upapattibhava)

Doordat we gehecht zijn aan het object van het verlangen gaan we de situatie daadwerkelijk beïnvloeden middels een handeling of gedachte. Of de situatie hierdoor gaat veranderen zoals wij willen is maar de vraag, maar dat de situatie gaat veranderen is zeker. Er ontstaat dus wording en dit kan op 2 manieren:

  • het karmische actieve proces van wording (kammabhava) - gehechtheid is hier een voorwaarde voor actieve wording aangezien onder invloed van de gehechtheid acties ondernemen die op hun beurt karma genereren.
  • het resultante proces van wording (upapattibhava) - gehechtheid is hier een voorwaarde omdat de reeds aanwezige karma ons terugvoert tot oude patronen

In beide gevallen van wording is karma de bepalende factor die creëert.

Afhankelijk van wording ontstaat geboorte (jãti)

We geven bestaansrecht aan datgene gecreëerd is en hiermee ontstaat een nieuw stukje karma (kammabhava), een nieuwe conditionering en een nieuwe voedingsbodem voor begeerte en aversie. De onwetendheid over de werkelijke loop der dingen is er nog steeds en we zijn weer een nieuwe omslag in het wiel van geboorte-en-wedergeboorte gegaan.

Afhankelijk van geboorte ontstaat ouderdom-en-sterven

De onwetendheid is onze persoonlijke waarheid. De ultieme waarheid is dat alles opkomt, enige tijd duurt en weer neergaat om te transformeren in iets anders. Niets is blijvend hoe sterk je het ook koestert. Alles is dus onderhevig aan ouderdom en sterven en daar gaat aftakeling, ziekte en schade aan vooraf.

Afhankelijk van ouderdom-en-sterven ontstaat lijden

De ouderdom, aftakeling, ziekte, schade en sterven is een proces wat moeilijk te accepteren is als we niet de ultieme waarheid zien maar alleen onze eigen persoonlijke waarheid. Dat dit lijden doet veroorzaken is bijna inherent. Zolang we in de onwetendheid blijven blijft deze kringloop bestaan.

De weg uit deze kringloop van lijden

de oplossing om uit deze kringloop te geraken begint eveneens bij de onwetendheid:

al het conditioneel handelen is uitgeroeid houdt onwetendheid op te bestaan
als onwetendheid is uitgeroeid houdt karma op te bestaan
als karma is uitgeroeid houdt bewustzijn op te bestaan
als bewustzijn is uitgeroeid houdt geest-en-materie op te bestaan
als geest-en-materie is uitgeroeid houdt de 6 zintuigpoorten op te bestaan
als de 6 zintuigpoorten is uitgeroeid houdt contact op te bestaan
als contact is uitgeroeid houdt gevoel op te bestaan
als gevoel is uitgeroeid houdt verlangen op te bestaan
als verlangen is uitgeroeid houdt gehechtheid op te bestaan
als gehechtheid is uitgeroeid houdt wording op te bestaan
als wording is uitgeroeid houdt geboorte op te bestaan
als geboorte is uitgeroeid houdt ouderdom-en-sterven op te bestaan
als ouderdom-en-sterven is uitgeroeid houdt lijden op te bestaan.