Banner-wiki.png

Mahathera

Uit Dharma-Lotus
Ga naar: navigatie, zoeken

Categorie indeling
Home
Boeddhisme
Titulatuur
Boeddhistische titulatuur
GesheTashi @ Bodhgaya.jpg
Boeddhistische titulatuur
Arhat
Bhikkhu
Bodhisattva
Boeddha
Geshe
Khenpo
Lama
Mahathera
Majjhima
Rinpoche
Roshi
Tulku
Navaka
Dhamma wiel

Een boeddhistische monnik die reeds langer dan 20 jaar in de Sangha leeft wordt een mahathera wat in het Pali 'grote ouderling' betekend.

Bhikkhu

Een bhikkhu (bhikṣu) is een boeddhistische monnik. Een bhikkhuni (bhiksuni) is een boeddhistische non. Het leven van de bhikkhus en bhikkhunis is door Gautama de Boeddha zó opgezet dat het de optimale levensstijl is voor het behalen van het nirvana. Bhikkhus dragen vaak bordeauxrode (Tibetaans boeddhisme: Tibet, Nepal, Myanmar en Sri Lanka) of oranjebruine (Theravada boeddhisme: Thailand, Laos, Cambodja en Sri Lanka) gewaden en scheren het hoofd kaal.

Het zenboeddhisme kent geen bhikkhus.

Dagelijks leven

De term bhikkhu betekent letterlijk "bedelaar" of "bedelende monnik", al is het bhikkhus niet toegestaan om al vragend te bedelen. Stil staan en wachten is wel toegestaan, zodat de giften op een spontane manier gegeven worden, en de monniken in hun gedrag beheerst zijn. Veel Theravada bhikkhus gaan elke dag op pindabat, de dagelijkse aalmoesronde in een dichtbijgelegen dorp of stad. Het is de manier waarop een bhikkhu zijn eten verkrijgt, daar het een bhikkhu niet is toegestaan voedsel te bereiden. In veel Mahayana-kloosters wordt het voedsel in de kloosters zelf bereid.

Een bhikkhu leeft over het algemeen in een kloostergemeenschap of in een alleenstaand hutje. Sommige bhikkus trekken gedurende een bepaalde periode van plaats tot plaats zonder zich ergens permanent te vestigen. Bhikkhus kunnen vrijwillig een aantal van de dertien dhutanga-regels voor kortere of langere periode opnemen. De dertien dhutanghas zijn ascetische regels die het leven eenvoudiger en fysiek armoediger maken. Het slechts één maaltijd per dag eten is een van de dhutanga-regels, evenals het niet gebruiken van de liggende lichaamspositie.

Een bhikkhu kan slechts in de ochtend eten, soms slechts één maal per dag. Van 12 uur 's middags tot het ochtendgloren kan een bhikkhu slechts medicijnen en dranken nuttigen. Het is ze niet toegestaan geld te ontvangen of te gebruiken. Een bhikkhu is aldus voor zijn levensonderhoud totaal afhankelijk van wat anderen hem geven. Dit aspect van de levensstijl van een bhikkhu is gericht op het tevreden zijn met wat je hebt, ook al is de individuele voorkeur van de bhikkhu misschien anders. Het is bhikkhus toegelaten persoonlijk bezit te hebben. Het ideaal is dat de bezittingen van een bhikkhu weinig zijn, zodat hij 'als een vogel' is, en slechts zijn vleugels met zich mee draagt.

Bhikkhus wijden hun leven aan de cultivatie van de leer van de Boeddha in zichzelf. Bhikkhus hebben individuele taken in het klooster, vaak simpele klusjes zoals bladeren vegen of onderhoud van de gebouwen, maar ook administratieve taken. Ze hebben relatief veel tijd vrij voor meditatie en studie van de boeddhistische geschriften.

Discipline

Een bhikkhu is toegetreden tot de Sangha, de boeddhistische gemeenschap van monniken, en moet zich houden aan de vinaya, de boeddhistische monastieke discipline. De vinaya bestaat uit de patimokkha (227 regels) en de overige regels en voorschriften, waarvan er enige duizenden zijn. Voor sommige van deze regels bestaan er verschillende interpretaties, en soms verschillen de regels van het Theravada van die van het Mahayana. Over het algemeen is er echter een grote overeenstemming en gaan de verschillen slechts over details. Sommige kloosters of linies (in zowel Theravada als Mahayana) zijn laks met de vinaya. Andere linies nemen de vinaya erg serieus.

Een bhikkhu is te allen tijde vrij om het monnikschap te verlaten indien hij dat wenst. Als een bhikkhu een van de vier fundamentele regels (de parajikas) overtreedt, is zijn uittreding automatisch en ogenblikkelijk. Vanaf het moment van overtreding is hij geen monnik meer, al komt het soms voor dat zo iemand zich nog (valselijk) blijft voordoen als een monnik. Deze vier fundamentele regels vormen de eerste vier regels van de patimokkha, en worden overtreden als een bhikkhu:

  • seksuele gemeenschap heeft.
  • een rol speelt in het doden van een levend wezen.
  • een waardevol goed steelt.
  • kenbaar maakt dat hij een verlicht persoon is, terwijl hij dat in werkelijkheid níet is.